interview Han met Adyashanti

Interview met Adyashanti - 11 – 8 – 2011
 
Ambassade Hotel Amsterdam
 
 
Adya, is het zinvol om een onderscheid te maken tussen inzicht en overgave?
 
Zeker. Die twee dingen duiden verschillende houdingen binnen een mens aan. Maar het zijn ook verschillende spirituele scholen. Sommige scholen, bijvoorbeeld advaita of de traditie waar ik uit voortkom, zen, richten zich vooral op inzicht – diep, spontaan inzicht. Andere scholen richten zich op overgave. Ik ben altijd van mening geweest dat dat inzicht, wil het volledig zijn, moet uitmonden in overgave. En overgave mondt, als het goed is, uit in inzicht. Ik zie ze meer als twee kanten van dezelfde medaille.
 
Kun je het wel wegen noemen? Gaat iemand van A naar B?
 
Ik zie het altijd als van A naar A gaan. Want inzicht gaat over dat wat aanwezig is, wat altijd aanwezig is, wat echt is. Het gaat over bewustwording van de volheid van het nu. En de manier waarop mensen overgave zien gaat weliswaar heel erg uit van lineaire tijd – je overgeven om iets te bereiken – maar in zijn ware betekenis is overgave een overgave aan het hier en nu. Je geeft je niet over om van A naar B te komen of Gods gunst te verwerven, of welk ander doel je er ook maar aan wilt verbinden. En ik zie duidelijk dat bij veel mensen hun inzicht komt tijdens een moment van spontane overgave of een moment waarop men spontaan ziet dat er niets meer mogelijk is.
 
Tijdens een moment waarop de persoon opzij stapt.
 
Zeker. En dan komt het inzicht tevoorschijn.
 
Ik heb de indruk dat de westerse maatschappij zich niet erg leent voor overgave.
 
Nee, dat denk ik ook. Die leent zich er inderdaad niet zo voor. Met name Amerika kent een heel sterk doelgericht soort individualisme. Het is bijna een Amerikaanse religie.
 
De echte Amerikaanse religie.
 
De echte Amerikaanse religie. Precies! Want vaak is dat individualisme zelfs bij religieuze mensen verweven met hun religieuze gezichtspunt. Christelijke fundamentalisten zijn bijvoorbeeld heel individualistisch. Ze hebben zo’n soort John Wayne-achtige houding van ‘Ik doe het allemaal wel zelf’. Heel vreemd eigenlijk.
Ik denk dat we waarschijnlijk meer gericht zijn op inzicht. Daarom vinden sommige nieuwe stromingen die de nadruk leggen op inzicht – nou ja, ze zijn niet echt nieuw, maar ze duiken tegenwoordig weer op, zoals advaita en anderen – zoveel gehoor vinden bij mensen in onze cultuur.
 
Maar ze lopen nog steeds in dezelfde valkuilen als het gaat om inzicht in wat er bedoeld wordt. Mensen willen nog steeds van A naar B zien te komen.
 
Ja, dat is de dans, nietwaar? Of je zegt dat er geen B is om naartoe te gaan, en dan proberen ze niet naar B te gaan, en dan klampen ze zich daar weer aan vast. Het is een vicieuze cirkel.
 
Ik merk vaak dat mensen boos worden als ze te horen krijgen dat je alleen van A naar A kunt gaan.
 
Natuurlijk, want dan hebben ze niets meer te doen. Dan heb je de poten onder heel de strategie vandaan gezaagd die het ego gebruikt om te overleven. Soms, als iemand er klaar voor is, is het een opluchting. Maar in de meeste gevallen werkt het op zijn minst heel verwarrend.
 
Hoe verpak jij je boodschap dan? Is ze gericht op inzicht of op overgave?
 
De meeste mensen zouden zeggen dat ze gericht is op inzicht.
 
Doe je dat met opzet?
 
Ik doe dat soort dingen eigenlijk niet bewust. Niet meer.Het is gewoon de manier waarop het eruit komt. Oppervlakkig gezien is wat ik probeer uit te drukken meer gericht op inzicht. En daar zit ook wel wat in, zeker in het begin. Maar als je wat verder kijkt naar de subtielere aspecten ervan, gaat het voor een groot deel juist over overgave. Want ik denk dat inzicht pas volledig wordt als het overgaat in overgave, en andersom. Als het alleen maar inzicht is, komen bepaalde waarheidsnuances niet aan het licht. En als er alleen maar sprake is van overgave … Ik vind de uitspraak van de heilige Theresa van Avila heel mooi, waar ze zegt dat ze nergens méér de pest aan heeft dan aan een domme heilige. Waarmee ze wilde zeggen dat als iemand alleen maar hart is, alleen maar overgave, helemaal open is, hij het diepe inzicht mist.
 
Ben je van mening dat je iets, wat dan ook, kunt doen om tot bevrijding te komen?
 
Ik zie het eigenlijk niet op die manier, of je wel of niet iets kunt doen. Mensen moeten hun eigen dans dansen. Uit eigen ervaring is het achteraf makkelijk om te zeggen dat er niets te doen valt. Ik heb me veertien jaar lang een ongeluk gemediteerd, en dan is het heel makkelijk om terug te kijken en te zeggen: ‘Nou, dat is dus niet nodig geweest allemaal, want waar ik naar op zoek was, was er al die tijd al’. Zou ik er voor open hebben gestaan en mee om hebben kunnen gaan zonder die veertien jaar? Ik zal het nooit te weten komen.
Ik beschouw spreken over non-dualiteit altijd als een strategie. Dat is alles wat het is voor mij. Ik denk niet dat er een uitspraak of concept kan bestaan dat de waarheid tot uitdrukking brengt. Het zijn allemaal strategieën, zo kijk ik er tegenaan. Het enige wat er voor mij toe doet is de vraag: ‘Werkt deze strategie voor een bepaald persoon?’ Als hij werkt, dan is dat prachtig. Dan verandert er iets. Maar als dat wat er gezegd wordt, en wat uiteindelijk alleen maar een strategie is, een nieuwe theologie wordt …Ik kom bijvoorbeeld wel eens mensen tegen die niet werkelijk tot inzicht zijn gekomen, maar wel heel veel non-duale teksten gehoord en gelezen hebben, en die zeggen dan: ‘Ik weet dat er absoluut niets te doen valt’, en ze zeggen dat dan zonder enig idee wat daarmee bedoeld wordt. In zekere zin is een uitspraak als ‘Er valt niets te doen’ heel mooi, maar het kan ook een manier zijn om ergens onderuit te komen, om niet echt diep te kijken.
Wat ik denk dat alle meesters en wijze mensen gezegd hebben is: ‘Het is niet niets doen, het is niets doen.’ Dat kun je verder niet uitleggen, maar het is wel mogelijk om intuïtief aan te voelen wat daarmee bedoeld wordt.
 
Er wordt gehandeld omdat het lichaam de behoefte heeft om in beweging te komen, maar er wordt niet getracht daar iets mee te bereiken.
 
Ja, dat is het. Of je moet juist wel iets willen bereiken – een kop thee drinken bijvoorbeeld, of veertien jaar mediteren. Als dat is wat je moet doen, dan is dat wat je moet doen.
 
Was hierover spreken iets wat je moest doen? Hoe ben je ertoe gekomen om het te gaan doen?
 
Mijn lerares vroeg me om het te doen. Heel simpel.
 
Ze vertrouwde erop dat je het aankon?
 
Ja. Ik bedoel, ze gaf zelf dertig jaar les, en ik ben de enige die ze gevraagd heeft om te gaan spreken. Dat doet ze alleen als ze ervan overtuigd is dat die persoon er echt klaar voor is, en tot een diep inzicht is gekomen. En meer dan dat, want een diep inzicht is niet het enige dat je nodig hebt om te kunnen spreken. Veel mensen met een diep inzicht zijn helemaal geen goede leraren.
 
Wat heb je dan nog meer nodig om een goede leraar te zijn?
 
Ik denk, hoe gek het ook klinkt, dat het helpt als je goed bent in het gebruik van concepten, want dat moet je als leraar kunnen. Sommige mensen zijn daar goed in en andere niet, los van wat ze ingezien en begrepen hebben. Leraar zijn vereist specifieke vaardigheden. Zelf heb ik het nooit geleerd. Ik ben gewoon begonnen, maar het is zeker zo dat sommige mensen er beter in zijn dan andere, ook al is hun inzicht even diep.
 
Maar is er niet ook een soort energetische overdracht nodig tussen leraar en leerling?
 
Zeker. Dat is natuurlijk het belangrijkste aspect van de relatie tussen leraar en leerling. Maar ik praat daar niet vaak over in het openbaar, want als je dat doet projecteren mensen allerlei beelden op je, bijvoorbeeld dat ik naast ze loop en dat er dan allerlei prachtige dingen gaan gebeuren. Daar hebben de mensen die die beelden projecteren niks aan, en de leraar ook niet. Daarom wordt er in het algemeen niet veel over gesproken. En als een leraar het er wel vaak over heeft, probeert hij zichzelf daarmee op een voetstuk te plaatsen.
 
Maar je voelt zelf wel degelijk dat het soms gebeurt?
 
Jazeker. Absoluut. Een van de dingen die ik al snel in de gaten kreeg – en dat verraste me echt omdat ik het niet verwacht had – is dat ik bij vrijwel iedereen een ontwaken teweeg kon brengen. Ik wist hoe ik het moest doen, het was heel eenvoudig. Maar ik zag ook al snel iets anders: hoe goed bedoeld ook, wat er met die mensen gebeurde was iets anders dan een spontaan ontwaken. Ik kan dat moeilijk uitleggen. Het kwam vaak te vroeg, ze waren er nog niet klaar voor.Dan verdween zo iemand volkomen in de leegte, en dat kan een heel verwarrende ervaring zijn. Het was dan niet wat ze voor ogen hadden. Het was niet wat ze wilden.
Zo kwam ik erachter dat het toch iets onzuivers had, ook al doe je het met de beste bedoelingen. Ik had het geluk dat ik dat al heel snel doorkreeg, en daarna heb ik het nooit meer gedaan. Nu vindt er nog wel eens een spontane energetische overdracht plaats. Ik kan het voelen, maar ik heb er niets meer over te zeggen. Ik bedoel, het gebeurt of het gebeurt niet. Ik heb er verder niets meer mee te maken. Maar als het gebeurt, lijkt het echt en puur.
 
Ben je niet op zoek naar andere manieren om je boodschap over te brengen?
 
Niet veel schrijvers zijn erg creatief als hun onderwerp spiritualiteit is. Creativiteit is een gave. En als je je met spiritualiteit bezig houdt, wil dat nog niet zeggen dat je er op een creatieve manier over kunt schrijven. Zelf spreek ik eigenlijk alleen maar. Dat gaat me makkelijk en natuurlijk af, dus daar kan ik mijn creativiteit in kwijt. De andere uitingsvormen gaan me minder makkelijk af.
 
Schrijf je überhaupt wel eens?
 
Ja hoor, ik schrijf wel eens wat. Mijn boeken bestaan grotendeels uit gesproken woord, maar vroeger heb ik wel eens een dichtbundel geschreven. Ik heb van alles geschreven, maar dat is allemaal niet uitgegeven. Maar het volgende boek wil ik schrijven, want ik wil deze keer iets anders dan anders doen, iets creatievers, op dingen ingaan waar het spontane gesproken woord zich niet heel goed voor leent. We zullen wel zien. Ik broed al tien jaar op een idee, en daar ben ik nog steeds mee bezig.
 
Denk je dat de waarheid werkelijk onder woorden kan worden gebracht?
 
Nee, maar je kunt er wel naar verwijzen, je kunt in die richting wijzen. Sommige concepten komen er dichterbij dan andere, zijn meer of minder nauwkeurig. Zoals ik al zei, zulke verwijzingen kunnen als strategie gebruikt worden. Maar voor mij is de waarheid iets wat je beseft of niet. Het is alles of niets.
 
Ik merk dat de manier waarop de waarheid begrepen wordt, verschilt van mens tot mens.
 
Die kan heel verschillend zijn. Iemand hoort iets en er ontvlamt plotseling iets. Een ander hoort hetzelfde en er gebeurt niets.
 
Dat maakt het zo moeilijk om over te spreken, hè? Het moet verwoord worden om begrepen te kunnen worden, maar die verwoording is ook een beperking.
 
Ja, klopt. Dat bedoelde ik eigenlijk ook toen ik zei dat woorden veelzeggend kunnen zijn, maar ook een nieuwe gevangenis kunnen vormen, een nieuwe decoratie van je gevangenismuur. Ik houd van het beeld dat in zen veel gebruikt wordt als het gaat om leraren en leerlingen, waarin de leerling een pijl afvuurt, een vraag dus, en de leraar een antwoord terugschiet, en als het goed gaat raken de pijlpunten elkaar precies. Als dat gebeurt, vernietigen ze elkaar.
 
Maar de kans dat dat gebeurt is wel heel klein.
 
Klopt! Daar zijn soms heel veel pijlen voor nodig.
 
Heb je het zelf wel eens meegemaakt dat jouw pijl de pijl raakte die op je werd afgevuurd?
 
Niet persé in dialoog met mijn lerares. Toen gebeurde er niets. Nou ja, niet niets, maar de beslissende momenten vonden plaats in relatie tot een vraag, een spontane vraag. Ik ging een keer zitten om te mediteren, en binnen dertig seconden, voor ik goed en wel in meditatie was, hoorde ik de roep van een vogel, en kwam er zomaar spontaan een vraag naar boven die niemand me gesteld had, en die vraag was: wie hoort dit? En daarmee kwam mijn hele wereld op zijn kop te staan. Of juist rechtop, als je het zo wilt zien. Plotseling was er geen ik meer.
Bij mij kwam het dus voort uit vragen, maar vaak waren dat niet de vragen waar ik mee bezig was. Ze kwamen uit het niets tevoorschijn. En het inzicht kwam bijna net zo snel als de vraag in me opkwam.
 
En andersom? Dat je tijdens een bijeenkomst een vraag op je afgevuurd kreeg en dat je antwoord precies de vraag raakte?
 
O ja hoor. Dat is vaak gebeurd. En het is heerlijk als dat gebeurt. Daar gaat het allemaal om. Anders zit je alleen maar naar jezelf te luisteren.
 
In je laatste boek, Genade, las ik dat je als kind al geinteresseerd was in dit onderwerp.
 
Ja, zolang ik me kan herinneren al. Alles wat spiritueel te noemen is trok mijn aandacht.
 
Dat komt niet zo vaak voor.
 
Ik hoor soms van mensen dat het bij hen hetzelfde was toen ze jong waren. Veel kinderen zitten met diepe vragen. Wat ik denk dat er in de meeste gevallen gebeurt is dat die diepe vragen gewoon niet beantwoord worden. Ze stellen ze aan hun ouders, en die zeggen: 'Ik heb geen tijd voor dat soort vragen', en als ze niet weten wat ze moeten zeggen, zeggen ze: 'Val me daar niet mee lastig'.
Aan de andere kant vind ik dat iemand echt met die vragen moet zitten en heel erg om antwoorden verlegen moet zitten. Want als teksten over non-dualiteit gehoord of gelezen worden vanuit een ego-gerichte interesse, dan heeft diep persoon daar niets aan. Zo iemand krijgt dan alleen maar een uiterst kale en hopeloze kijk op de wereld te horen, gezien vanuit het ego. Dat kan een verpletterende uitwerking hebben. Sommige mensen zijn daar klaar voor, maar veel mensen zijn dat gewoon niet.
Maar het is wel degelijk een fascinerende reis als iemand diepe vragen stelt en al op jonge leeftijd klaar voor is voor de antwoorden, zoals ik. Bij mij ging er voor het eerst iets open toen ik vijfentwintig was. Ik zat toen in de fase van je leven waarin er van je verwacht wordt dat je jezelf ontwikkelt, carriere maakt, relaties aangaat, en dan worden plotseling de poten onder je stoel vandaan gezaagd. En je moet nog een heel leven leiden. Het maakte de dingen zonder meer ingewikkelder.
 
Je kon er moeilijk mee omgaan toen het gebeurde?
 
Nee, ik vond het niet echt moeilijk. Maar ik weet dat veel andere mensen het wel moeilijk vinden. Ik voelde er geen weerstand tegen. Het maakte me niet uit waar het op uit zou draaien, het maakte me geen donder uit wat de waarheid was, of die nu goed of slecht voor me was, of ik het nu fijn vond of niet. Ik moest gewoon te waarheid te weten komen. Of het nu prachtig of absoluut verschrikkelijk zou uitpakken, daar was ik helemaal niet mee bezig.
Maar daarmee was de kous toch nog niet af. Eigenlijk was het best gevaarlijk. Het is gevaarlijk als je vijentwintig bent en alle angst verdwijnt uit je systeem. Angst houdt je op een bepaalde manier wel in toom, en op een bepaald moment was dat helemaal weg. Maar al die andere conditioneringspatronen die zich in die vijfentwintig jaar ontwikkeld hadden, waren er nog wel, en als die niet meer afgeremd worden door angst … het waren wilde jaren in die tijd. Ik maakte toen niet bepaald een spirituele indruk, hahaha.
 
Maar het was wel onvermijdelijk dat de dingen gingen zoals ze gingen.
 
Ja. Dat is een van de centrale aspecten van wat ik uitdraag: de dingen laten zijn zoals ze zijn. Dat zijn ze toch, of je wilt of niet.
 
Weerstand daartegen is eigenlijk een vorm van waanzin, vind je niet?
 
Ja. Het is een verwarde vorm van waanzin. Mensen zitten in de weerstand omdat ze geen idee hebben waar ze mee bezig zijn.
 
In feite is er dus sprake van een collectieve waanzin.
 
Het is een soort hypnose. Ik denk dat dat het ego-gerelateerde bestaan ook zo frustrerend maakt, want het ego-gerelateerde bestaan vecht altijd tegen wat is, en realiseert zich voortdurend dat wat is niet is wat men wil.
 
Maar als je werkelijk ziet dat dat zo is,kom je automatisch tot overgave.
 
Zeker, als je het echt ziet.
 
Ik vind het eigenlijk moeilijk voor te stellen dat mensen het niet zien.
 
Natuurlijk. Ik bedoel, je kunt het niet zien zonder meteen te denken: 'Hoe heb ik het in godsnaam over het hoofd kunnen zien?'
 
Ja, waarom zien we het in godsnaam over het hoofd? Waarom lijkt bewustzijn zichzelf altijd over het hoofd te zien, of in elk geval het grootste deel van de tijd?
 
We kunnen er op z'n hoogst een verhaal aan ophangen. Is er iemand die het echt weet? Dat is het punt. Dat gezegd hebbende, heb ik de indruk dat het hele gebeuren zo opgezet is dat het onvermijdelijk is dat bewustzijn zichzelf vergeet. Bewustzijn kan haast niet anders. Het lijkt gewoon deel uit te maken van het ontwikkelingsproces van ieder mens. Het lijkt erop dat, als het gaat om de manier waarop mensen tot ontwikkeling komen, in psychologisch opzicht volwassen worden, dat je ware natuur vergeten daar intrinsiek onderdeel van uitmaakt. Je kunt wel makkelijk zeggen dat de ontwikkeling tot ego, tot een bestaan als individu, een illusie is en ons in de weg zit, maar weten we werkelijk of dat ook zo is?
 
Voor een mens is zo'n ontwikkeling zeker in het begin wel degelijk van waarde.
 
Ja, in het begin denk ik wel. Het helpt je om een idee te krijgen van jezelf en je begrenzingen, en dat lijkt je, althans in bepaalde perioden van je leven, te helpen om je te ontwikkelen tot een gezond functionerend mechanisme. Maar later wordt dat gevoel van afscheiding een loodzware last.
 
Het lijkt wel of het kind een uiterst waardevol gereedschap in handen krijgt, maar vervolgens niet meer in staat is om het weg te leggen als het dat instrument niet meer nodig heeft.
 
Ja, dat is het. Ik denk dat we dat gereedschap bijna worden. Of het wordt ons.
 
Dus het is niet eigen aan bewustzijn om zichzelf te herinneren? Wel om zichzelf te vergeten, maar niet om zichzelf te herinneren?
 
Daar lijkt het op. Ik heb het gevoel dat het een menselijk instinct is om je te herinneren wie of wat je werkelijk bent. Ik zie het overal gebeuren, zelfs bij mensen die hier totaal niet in geinteresseerd zijn. Er is een soort instinct aanwezig voor het verliezen van de afgescheidenheidsillusie.
 
Soms wordt er binnen de advaita-context gezegd dat de wereld alleen maar echt is als waarneming, als waarnemendheid. Ben je het daar mee eens?
 
Ja, ik denk niet dat er iets objectiefs bestaat.
 
In die zin kun je dus zeggen dat de wereld niet echt is.
 
Precies. Er is geen wereld buiten het waarnemen ervan.
 
De wereld is de vorm die het waarnemen aanneemt, zou je kunnen zeggen.
 
Ik zie de waarheid niet als iets objectiefs, in tegenstelling tot bijvoorbeeld de wetenschap.
 
Je hebt wel eens gezegd dat het zien van de waarheid niet in de geest plaatsvindt. Waar vindt het dan wel plaats?
 
In de heelheid van zijn. Inzicht vindt niet ergens in plaats. Het vindt overal plaats. Daarom maakt, als je tot inzicht komt, op een moment van helder zien, van onthulling, of hoe je het ook wilt noemen, je hele wezen daar deel van uit, zelfs je lichaam. Ik bedoel, ' Aha!' is letterlijk een lichamelijke gebeurtenis. Het heeft ook een intellectuele component, maar daarnaast is er iets dat dat overstijgt. Het is net alsof alles wat er is zichzelf herinnert. Ik zie het dus niet op of in een specifieke plaats gebeuren.
 
Alleen het geheel kan zichzelf begrijpen.
 
Ja. In zen noemen ze dat 'prajna', wat helaas vaak vertaald wordt als 'wijsheid van het hart'. Maar wat het werkelijk betekent is 'de wijsheid van het geheel'. Het is een universele wijsheid waar heel je wezen bij betrokken is.
 
Het betekent ook dat het geheel je wezen is.
 
Juist.
 
Ben je het dan ook met me eens dat we bewustzijn zijn en daarom altijd alleen maar onszelf ervaren?
 
Zeker. Iets anders valt er niet te ervaren. We denken alleen maar dat we iets anders ervaren.
 
Ja. Maar wat gebeurt er dan als bewustzijn zichzelf herkent? Want dat is toch iets anders dan jezelf ervaren, of niet?
 
Als het inzicht zuiver is, denk ik dat het alles omvat: ervaring, herkenning, in feite elk woord dat we kunnen gebruiken om die verschillende soorten ervaring te omschrijven. Voor mij vertegenwoordigt het woord 'prajna' al die dingen. Er kan weliswaar ook sprake zijn van een bepaald soort 'aha-ervaring', een mentale herkenning, maar dat heeft een heel ander effect. Dat wordt gelijk in een hokje geduwd. Het heeft geen enkel effect buiten dat moment van herkenning, dat moment van zien. De week daarna kun je je de gebeurtenis van het herkennen nog wel herinneren, maar verder ben je nog hetzelfde als altijd.
 
De meeste mensen lijken op zoek te zijn naar geluk. Dat is misschien wel hun sterkste drijfveer. Wat is geluk volgens jou? Is het een ervaring, of is het helemaal geen concreet verschijnsel?
 
Ik denk dat het beide dingen is. Dat hangt af van hoe je die termen definieert. Ik denk dat er een vorm van geluk bestaat die ergens door veroorzaakt wordt. Als dat gebeurt, kun je op dat moment gelukkig zijn. Als je een caberatier hoort, moet je lachen. Dat is een relatieve vorm van gelukkig zijn die erg vluchtig is. Die komt en gaat. Sommige mensen zouden het niet eens geluk noemen. Maar dan gaat het alleen maar over namen en definities. Ik denk dat waar geluk geen oorzaak heeft, en verder gaat dan zijn ervaringsaspecten. Het is vergelijkbaar met ontwaken. Het ontwaken zelf is eigenlijk geen ervaring, ook al spreken we erover als een ontwakingservaring. Maar de essentie ervan ontstijgt de ervaring. Maar uiteindelijk mondt die essentie wel uit in een ervaring.
 
En dan verbinden mensen die weer aan een object waarvan ze zich voorstellen dat het die ervaring teweeg heeft gebracht, en dan zijn ze weer waar ze begonnen.
 
Ja. Maar voor mij kent geluk geen oorzaak. Er is geen reden voor.
 
Eigenlijk is het meer een soort ontspanning. Je valt in je eigen wezen, als het ware, omdat je op dat moment niets meer nodig hebt.
 
Ja, het is een voortdurend, levend weten dat er niets hoeft te gebeuren om … gelukkig te zijn, of hoe je het ook wilt noemen.
 
Voor de liefde geldt natuurlijk hetzelfde.
 
In mijn ogen is de liefde een van de meest bruikbare emoties waarmee naar de waarheid kunt verwijzen. Ware liefde is niet alleen maar een emotie. Als iemand bijvoorbeeld kinderen heeft, is hij niet altijd met hen aan het spelen en dollen. Soms zorgen ze ook voor veel frustratie, maar betekent dat dan dat die ouder niet meer van ze houdt? Die houdt wel van ze, en weet dat instinctief ook. Ik vind dat een mooi voorbeeld van iets wat op dat moment niet ervaren wordt maar wel degelijk aanwezig is. De liefde leent zich daar uitstekend voor. Dat wil zeggen: ware liefde.
 
Iets anders waar veel mensen naar op zoek zijn is bevrijding, vrijheid. Hebben we in jouw ogen geen vrijheid, of beschikken we juist over volledige vrijheid?
 
Beide gezichtspunten komen op hetzelfde neer, afhankelijk van hoe je er tegenaan kijkt. Vanuit het gezichtspunt van het ego bestaat er geen vrijheid, geen keuze. Dat maakt het zo frustrerend. Je denkt dat je een keuze hebt, maar dat is niet zo. Vanuit het gezichtspunt van je ware natuur is er juist sprake van volledige vrijheid. Maar daar kunnen mensen heel moeilijk mee omgaan zonder het te ervaren als een persoonlijke ervaring van keuzevrijheid. Het hangt dus af van je manier van kijken.
 
Toch heb ik moeite met het uitgangspunt dat bewust voor het ene of het andere kiest.
 
Voor mij is het alleen maar een manier van uitdrukken. Uiteindelijk doen de dingen zich gewoon voor.
 
En in die zin zijn ze onvermijdelijk – spontaan, maar onvermijdelijk.
 
Dat is wat ik bedoel met 'absolute keuzevrijheid'. Daar bedoel ik niet mee dat je alle opties overziet en een keuze maakt. Dan gaat het om relatieve keuzevrijheid. Absolute keuzevrijheid gaat daar niet over. Dat gaat over zien dat de dingen zich gewoon voordoen, gewoon gebeuren. En dan heb je de ervaring dat wat er gebeurt precies datgene is wat je wilt dat er gebeurt, altijd. Wat er ook gebeurt is wat je wilt dat er gebeurt. Ook al slaat het nergens op. Vanuit menselijk opzicht zou je misschien zeggen: 'Wie wil dat nou?'. Maar hoe paradoxaal ook, het voelt dan aan als dat wat je wilt.
 
Zoals het gezegde gaat: vrijheid is niet doen wat je leuk vindt, maar leuk vinden wat je doet.
 
Mmm, ja. Precies. My favoriete en heel praktische definitie van verlichting is die van Anthony de Mello. Hij heeft verlichting gedefinieerd als 'absolute samenwerking met het onvermijdelijke'. Dat vind ik prachtig, want dat haalt alle hocus pocus eruit.
 
Dus is het inderdaad zo dat weerstand tegen het onvermijdelijke een vorm van waanzin is.
 
Wat zou het anders moeten zijn?